Correctievoorschrift VMBO-GL en TL-COMPEX

2005

z 1 A

z 3 A

z 4 C

z 5 maximumscore 4

E = 1512 J (= 4, 2 .10-4 kWh)

gebruik van E = P t 1

gebruik van P = U I 1

omrekenen van de tijd naar uren of seconden 1

rest van de berekening juist 1

Opmerking

Onder gebruik van een formule verstaan we het selecteren van de juiste formule uit

BINAS en een begin maken met de toepassing. Hierbij moet de kandidaat laten zien dat

hij inzicht heeft in de betekenis van de grootheden uit de formule.

Bijvoorbeeld: als een kandidaat bij E = P t een onjuist vermogen invult voor P

verdient hij het scorepunt voor het gebruik van de formule;

als een kandidaat bij E = P t voor t een temperatuur invult, verdient hij

het scorepunt voor het gebruik van de formule niet.

GELUID VAN WINDTURBINES

z 6 maximumscore 1

voorbeelden van goede antwoorden:

Æ De molen draait niet bij windsnelheden onder de 4 m/s (dus maakt dan ook geen

geluid).

Æ

Het geluidsniveau is bij windsnelheden onder de 4 m/s niet gemeten.

Æ Het geluidsniveau is zo klein dat die niet in de grafiek past.

z 7 B

z 8 maximumscore 1

Het antwoord moet het inzicht bevatten dat het geluidsniveau op enige afstand

(in diagram 2) kleiner is dan het geluidsniveau aan de voet van de windmolen

(in diagram 1).

z 9 maximumscore 1

Bij windsnelheden groter dan 5,3 m/s (met een marge van 0,2 m/s).

z 10 D

STEMVORK

z 11 C

KOKOSNOOT

z 12 C

z 13 B

OUD APPARAAT

z 14 B

z 15 maximumscore 2

Een transformator werkt op wisselspanning. Een batterij levert gelijkspanning en dus

doet de opstelling het niet.

inzicht dat een transformator alleen op wisselspanning werkt 1

inzicht dat een batterij gelijkspanning levert 1

z 16 maximumscore 4

h = 58%

gebruik van h = Paf / Pop 1

gebruik van P = U I 1

inzicht dat het primaire vermogen ingevuld moet worden bij Pop 1

rest van de berekening juist 1

z 17 maximumscore 1

voorbeelden van goede antwoorden:

Æ De transformator voelt warm aan.

Æ De transformator maakt geluid.

z 18 maximumscore 1

omlaagtransformeren van de spanning (van het net) (naar de spanning van de bel)

Opmerkingen

Als een kandidaat antwoordt dat het om de veiligheid gaat: goedrekenen.

Als een kandidaat antwoordt dat dit goedkoper is: niet goedrekenen.

BLAASINSTRUMENTEN

z 19 maximumscore 3

t = 8 ms

inzicht dat twee volledige trillingen zijn afgebeeld 1

gebruik f = 1 / T 1

rest van de berekening juist 1

z 20 B

FIETSEN

z 21 maximumscore 3

goede assenindeling (minstens 2/3 deel van de assen benut) 1

minstens drie punten goed getekend 1

een vloeiende lijn door de punten 1

z 22 maximumscore 2

F = 60 N

gebruik van F = m a 1

rest van de berekening juist 1

LED

z 23 maximumscore 1

Het antwoord moet het inzicht bevatten dat er stroom door de LED loopt, waardoor

de LED kan gaan branden.

z 24 maximumscore 1

De condensator ontlaadt.

z 25 A

ACROBATEN

z 26 maximumscore 4

v = 6,7 m/s

inzicht dat geldt EB = EZ 1

gebruik van EZ = m . g . h 1

gebruik van EB = m v2 1

rest van de berekening juist 1

z 27 maximumscore 2

Het antwoord moet de volgende twee inzichten bevatten:

inzicht dat bewegingsenergie van Rob overgedragen wordt aan Albert 1

inzicht dat een kleinere massa een grotere snelheid en/of een grotere hoogte tot

gevolg heeft 1

NIJPTANG

z 28 maximumscore 3

F = 147 N

gebruik van de momentenwet 1

invullen van de juiste waarden (of de juiste verhoudingen) van de armen 1

rest van de berekening juist 1

Opmerking

Als een kandidaat het goede antwoord krijgt door eerst de helft / het dubbele van de

kracht uit te rekenen en deze daarna met twee te vermenigvuldigen / door twee te delen:

uiteraard goedrekenen.

z 29 maximumscore 2

De arm van de kracht van de bek op het ijzerdraad is kleiner dan bij de bovenste

knijptang, de arm van de kracht van de hand is gelijk, dus de kracht van de bek op het

ijzerdraad is groter.

inzicht dat de bekarm kleiner is en de handvatarm gelijk 1

consequente conclusie 1

HITTEGOLF

z 30 B

z 31 A